Een werknemer van een schoonmaakbedrijf had voor zijn werk de beschikking over een leaseauto. De werknemer had  al in het verleden verschillende malen deze auto voor privédoeleinden gebruikt. Volgens de bedrijfsregels was dat verboden. De werkgever had de werknemer toen, maar ook begin 2017, hierop schriftelijk gewezen. Bij de laatste waarschuwing was de werknemer er bovendien op gewezen dat indien hij de leaseauto toch weer voor privédoeleinden zou gebruiken, een ontslag op staande voet zou volgen.

De werknemer is op een zondag 28 februari 2017 naar een relatie van zijn werkgever gegaan. Hij maakte daarbij gebruik van de auto van de werkgever. Het bezoek stond niet op de werkplanning van de werknemer.  Weliswaar stelde de werknemer dat hij het bezoek had gebracht in het belang van zijn werkgever, maar de werkgever was daarvan niet overtuigd. Ook een verklaring van de relatie van de werkgever dat de werknemer dat de werknemer hem op die zondag had bezocht, maar hem alleen maar advies had gegeven en geen werkzaamheden had verricht, kon de werknemer niet baten. De werkgever heeft de werknemer op 28 maart 2017 met onmiddellijke ingang ontslagen.

Lees verder...